Volg ons op
Facebook
Twitter

Gespierde spijker

DOOR MART SMEETS

Mart Smeets over de kortstondige carrière van Falko Zandstra, ‘de Pietje Bell van het schaatsen’.

Radio Fryslân-reporter Eelke Lok weet het nog. Na een groot kampioenschap ondervraagt hij voor de NOS Falko Zandstra in het Nederlands, pakt een andere microfoon en gaat over in het Fries voor Radio Fryslân en bedankt zijn gesprekspartner. ‘Moet het ook nog in het Turks?’ vraagt de kampioen en kijkt zijn ondervrager lachend aan. Pietje Bell op schaatsen en ‘net oars’, zoals het heet. Niet anders. Falko Zandstra was een speelvogel, een jonge vent die snel schaatste en voordat hij het wist al tweemaal wereldkampioen bij de junioren was. De gespierde Spijker van 1990 en 1991 won veel, had een aanstekelijke lach en was eigenlijk niet gemaakt om het harde vak van topsporter uit te oefenen.

Niet dat hij dat niet wilde of kon, maar er viel zoveel meer te genieten in het leven en hoe leuk was het niet om inderdaad een speelvogel te zijn. Toen hij
in 1992 een bomvol Thialf aan zijn voeten had liggen, ‘naaide hij er in de middaguren even tussenuit’ om wat supersonische geluidsboxen in zijn iets meer dan modale auto te laten bouwen.

Hij geloofde het wel wat alle krabbers op de 5000 meter zouden doen, nam een paar uurtjes vrijaf en verliet de schaatstempel. Voor menigeen was het een soort landsverraad, voor Zandstra was het de gewoonste zaak van de wereld. Wat moest hij nou in dat zwaar overspannen schaatsstadion doen? Iedereen wilde met hem praten of een handtekening. Klus geklaard, terug naar het ijs en ‘even’ een toffe vijf kilometer
afleveren. Wat was daar nou moeilijk aan?

Lees verder in de VARAgids op pagina 38.